Gearchiveerd onder: Discussie | Tags: aantal persberichten, interne functie, zichtbaarheid
Persberichten blijken geregeld een interne functie te vervullen. Niet alleen komen de persberichten op de website te staan, waardoor alle eigen medewerkers er kennis van kunnen nemen. Ook worden ze binnen organisaties opgevat als de ultieme erkenning voor het afgeronde project of de nieuw benoemde leidinggevende.
Als ik vraag waarom over bepaald nieuws een persbericht uit gaat, is het antwoord soms dat bepaalde afdelingen zich zichtbaar willen maken voor het topmanagement of de topambtenaren. Of dat de directie communicatie bepaalde projecten of groepen wil ‘belonen’ met de aandacht. “Hun werk mag ook wel eens in de spotlights.” Of dat feitelijk lukt (lees: of er een stuk in de krant verschijnt) is bijzaak; het gaat om het interne mechanisme.
Als het bericht nieuwswaarde heeft voor de buitenwacht, dan is er niets aan de hand. Maar als er alleen interne doelen mee gediend zijn, dan zijn andere middelen geschikter. Een artikel in het personeelsblad, een intranetbericht, een vermelding tijdens de nieuwjaarsspeech. Desnoods een nieuwsbericht op de site, zou ik bijna zeggen. Natuurlijk moet zo’n nieuwsbericht ook nieuwswaarde hebben, maar dat nieuws mag ‘zachter’ zijn. Journalisten of anderen kunnen zich daarop abonneren (ze kijken uit zichzelf op de site), maar ze krijgen dat nieuws niet ongevraagd toegestuurd zoals bij persberichten het geval is. Het belast de ontvanger dus veel minder.
Gearchiveerd onder: Discussie | Tags: betrouwbaarheid, gekleurde informatie, journalisten
Journalisten vermelden in hun artikelen geregeld dat hun informatie uit een persbericht afkomstig is. Ze doen dat alleen als ze de informatie niet lijken te vertrouwen. Als disclaimer dus. Een persbericht is een verdachte bron, vermoedelijk sterk gekleurd door de afzender. Althans, daar wil de journalist de lezer voor waarschuwen.
Vandaag is nieuws dat twee directeuren van boekhandel Selexyz op non-actief zijn gesteld. In NRC Handelsblad (19/9/2011) lees ik “Volgens een uitgebracht persbericht gebeurt dit ‘in goed overleg’ met de raad van commissarissen.” Hierin klinkt door dat de journalist vraagtekens zet bij deze beschrijving van de gang van zaken. Als ik google op ‘volgens een persbericht’ krijg ik 366.000 hits. Bijvoorbeeld:
- Volgens een persbericht van het UWV is meer dan zestig procent van de mensen bereid tot het doen van concessies als het gaat om het…
- … Dat is het antwoord op de vraag hoelang het nog duurt voordat Windows XP met pensioen gaat. Volgens een persbericht van Microsoft wordt …
- Aan mankracht in deze beveiliging wordt jaarlijks al zes ton besteed, volgens een persbericht van het weekblad.
- Wereldwijd waren er in mei 2008 volgens een persbericht van Toyota al meer dan een miljoen exemplaren van de hybride Toyota Prius verkocht.
- Volgens een persbericht van de Europese Centrale Bank zijn het afgelopen halfjaar in totaal 296.000 valse eurobiljetten aangetroffen. Dit is een afname van …
- Volgens een persbericht van het ANP zou hieruit blijken dat bedrijven die medewerkers willen ontslaan vanwege het onder werktijd bezoeken van pornosites, …
- Volgens een persbericht van Progressief Akkoord is de gemeente Montfoort failliet. Deze kreet zorgt in ieder geval voor de nodige imagoschade van de …
Die expliciete verwijzing naar persberichten komt dus regelmatig voor in de berichtgeving. Als de media de cijfers niet hebben gecheckt of niet hebben kunnen checken, als bronnen elkaar tegenspreken, of als ze erop willen wijzen dat de informatie afkomstig is van een belanghebbende. Dat is natuurlijk altijd zo bij persberichten, dat de afzender een belanghebbende is, maar hiermee suggereert de journalist (terecht of onterecht) dat die belangen wel eens zwaarder zouden kunnen wegen dan de objectieve informatievoorziening. Als het persbericht alleen zó in de krant komt, lijkt mij dat afbreuk doen aan de effectiviteit van het middel.
Gearchiveerd onder: Discussie | Tags: churnalism, nieuws checken, PR, schrijfstijl
Moet het zichtbaar worden als een journalist een persbericht heeft gekopieerd? De makers van churnalism.com vinden van wel. Ze willen media ontmaskeren als ‘PR rondpompende’ instanties. En in ieder geval moet volgens hen transparant worden welk deel van de tekst letterlijk is overgenomen. Was dat niet het grootste compliment dat persvoorlichters kunnen krijgen: als een journalist hun tekst plaatst?
Hoe werkt het? Op churnalism.com voeg je de tekst van een persbericht in, we nemen er één van Marks and Spencer. Vervolgens vergelijkt de site automatisch de overlap met nieuwsberichten uit hun database. En zie: 5 news articles may be churnalism. Van The Guardian tot Financial Times: zo’n 30% van het persbericht is gebruikt, zo’n 20% van het nieuwsbericht bestaat uit gekopieerde tekst (dat betekent overigens dat de nieuwsberichten langer zijn dan het persbericht, dat had ik niet gedacht!) en de overlappende tekst telt zo’n 400 letters. Je kunt vervolgens origineel en bewerking ook naast elkaar bekijken.
Hoe bezwaarlijk is het als tekst wordt gekopieerd? Ik heb er niets op tegen. Voorlichters beschouwen letterlijke overname als een teken dat ze een goed persbericht hebben geschreven. Dat wil niet zeggen dat journalisten voor een PR-karretje zijn gespannen. Zíj besluiten tenslotte zelf of ze het nieuws willen plaatsen en of de vorm door de beugel kan. Bovendien betekent kopiëren niet dat het nieuws niet gecheckt is. Wel kan het op tijdgebrek duiden van journalisten: wie tijd heeft, vindt het al gauw zijn eer te na om de tekst integraal over te nemen. Die geeft er een eigen draai aan, belt na voor een extra quote bijvoorbeeld. Zo kan het ene medium zich onderscheiden van het andere medium. Maar 20% overlap is zeker niet te veel. Het zou vreemd zijn als er geen enkel woord correspondeert. Tot slot: niet alle persberichten zijn PR, er is ook veel feitelijke berichtgeving. Zoals wanneer de politie ongevallen meldt. Zie bijvoorbeeld dit pers- en nieuwsbericht naast elkaar. Gelukkig maar dat The Independent steunt op de politie-informatie.
Toch mag er van mij absoluut een Nederlandse variant van Churnalism.com komen. De techniek biedt een enorm rijke bron voor onderzoek. Welke termen zien de media als jargon bijvoorbeeld? Welke kranten nemen de meeste quotes over? et cetera. Daarmee kunnen persvoorlichters leren nog betere persberichten te schrijven. Om de knuppel maar in het hoenderhok te gooien: het beste persbericht is dat met 100% overlap in de krant.
Zie ook: De Nieuwe Reporter hierover.
Gearchiveerd onder: Discussie | Tags: ANP, CBS, checklist, Jelke Bethlehem, Marjolijn van Oordt, nieuws maken, onderzoeksresultaten, opiniepeiling
Een onderzoek houden om in de publiciteit te komen. Het werkt. Cijfers en opinies van het grote publiek zijn al snel nieuws. Maar journalisten worden kritischer: samen met methodologen hebben ze een checklist ontwikkeld om vast te stellen of onderzoeken deugen. En het ANP meldt bijvoorbeeld niet meer de naam van de opdrachtgever in het geval van bijvoorbeeld de Randstad Arbeidsmarktmonitor of het Groot Glorix Toilet Onderzoek.
In de Persberichtenwijzer haal ik onderzoek aan van Verkade over hoeveel procent van de Nederlanders zijn koekje in de thee ’sopt’. Het kreeg veel publiciteit. Het aantal opiniepeilingen dat de media haalt, is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Volgens de Leuvense hoogleraar sociologie Jaak Billiet van zo’n 250 in 2000 naar 1500 in 2006. Sindsdien is het vast nog verveelvoudigd. Zeker rond de Tweede Kamerverkiezingen buitelden de enquêtes over elkaar.
Codes bij ANP en BBC - Marjolijn van Oordt, auteur van In het nieuws, ziet het tij keren voor dit PR-instrument: “Merken doen tegenwoordig een ongelooflijke hoeveelheid onderzoek met als enig doel publiciteit te genereren. En media weten dat. Sommige media vinden dat niet erg: als het een leuk nieuwtje oplevert, mag het mee. Andere media zijn kritischer op deze ontwikkeling. Zo melden de nieuwslezers van ANP al enige tijd niet meer welk merk opdracht gaf tot een onderzoek. Dat wordt dan ‘een fabrikant van wasmiddelen’. Dan heeft de publiciteit geen enkel nut gehad.” Ook de BBC laat zich niet meer voor het publiciteitskarretje spannen: deze omroep kent de richtlijn dat de opdrachtgever van de peiling de uitkomsten van een opiniepeiling niet in een uitzending mag komen toelichten.
Betrouwbaar onderzoek - Er is uiteraard niets mis met onderzoeksresultaten. Als de objectiviteit en de betrouwbaarheid ervan maar niet in het geding zijn. Het plichtsbesef om betrouwbaar te informeren lijkt het echter vaak af te leggen tegen de drang om nieuws te maken. Zowel bij journalisten als bij persvoorlichters. En bovendien: al willen ze het wel, dan nog is de kwaliteit van het onderzoek niet altijd goed na te gaan.
Checklist voor peilingen - Daarom hebben journalisten en statistici tijdens een seminar van het CBS besloten een checklist voor peilingen te ontwikkelen. Jelke Bethlehem, een van de iniatiefnemers, geeft een paar voorbeelden van valkuilen: “Internetonderzoek is niet representatief, omdat mensen zichzelf aanmelden. Niet iedereen uit de doelgroep heeft even veel kans om zijn mening te geven. Bovendien focussen peilingen, zeker rond de verkiezingen, op kleine verschuivingen, terwijl die betekenisloos zijn. Die vallen binnen de onzekerheidsmarges over de uitkomsten.” (Netwerk 7 juni 2010)
De checklist is inmiddels opgesteld (met toelichting), en wordt getest in de praktijk. Ik roep hierbij persvoorlichters op deze te gebruiken. Zij hebben ook een verantwoordelijkheid bij het verspreiden van onderzoeksresultaten. Zie binnenkort mijn blog onder ‘Tools’.
